Begint uw hond zonder reden plotseling mank te lopen? Is het buigen, maar vooral het strekken van de poot voor uw hond pijnlijk? Mogelijk heeft uw hond last van elleboogdysplasie (ED). Uw dierenarts kan onderzoeken of ED de oorzaak van de klachten is.

Hillegom

Maerten Trompstraat 1-3 2182 XD Hillegom
Routebeschrijving 0252 518020

Elleboogdysplasie bij uw hond

Elleboogdysplasie (ED) bij de hond is een verzamelnaam voor vijf veel voorkomende elleboogaandoeningen:

Al deze aandoeningen kunnen al op jonge leeftijd leiden tot een pijnlijke, niet goed werkende elleboog, en daarna tot slijtage en artrose. 

Welke hondenrassen zijn gevoelig voor elleboogdysplasie?

Pups van hondenrassen die snel groeien en groot worden hebben de meeste kans op elleboogdysplasie. Vanaf een leeftijd van vijf maanden kunnen honden al klachten vertonen. 

Het ellebooggewricht 

Tussen het opperarmbeen in de bovenarm en het spaakbeen en ellepijp in de onderarm zit de elleboog. Dit is een scharniergewricht. 

De ellepijp is extra lang en ondersteunt zo dit gewricht. De uitstulping van de ellepijp omsluit het opperarmbeen en het spaakbeen. Hierdoor wordt het gewricht sterk. 

Deze uitstulping maakt het gewricht ook complex en kwetsbaar. Een te snelle groei, onverwachte beweging of val kunnen problemen geven, bijvoorbeeld:

Verderop in dit artikel leest u meer over deze aandoeningen en mogelijke oorzaken van ED. 

De symptomen van elleboogdysplasie bij uw hond

De klachten die uw hond krijgt door elleboogdysplasie zijn niet altijd duidelijk zichtbaar. 

De hond loopt vaak mank doordat de hond pijn heeft met het buigen en voornamelijk strekken van de poten. 

Elleboogdysplasie kan ook ontstaan door een vochtophoping in het gewricht. Dit kunt u zien aan dat de elleboog opgezwollen is. 

Heeft u het idee dat uw hond last kan hebben van elleboogdysplasie? Neem dan altijd contact op met uw Sterkliniek

Elleboogdysplasie en groeipijn

Als uw hond op jonge leeftijd al klachten krijgt van elleboogdysplasie, worden de klachten soms in verwarring gebracht met groeipijn. Een ED wordt daarom soms wel eens gemist. 

Het is daarom belangrijk om elleboogdysplasie altijd eerst uit te sluiten. 

Wanneer moet mijn hond onderzocht worden op elleboogdysplasie?

Fokken en elleboogdysplasie

Bij sommige rassen is het voorafgaand aan het fokken verplicht om uw hond te laten onderzoeken voor elleboogdysplasie. Dit geldt onder andere bij de volgende rassen:

Verschillende vormen elleboogdysplasie bij uw hond

LPC – los processus coronoideus

LPC is de meest voorkomende vorm van ED. De uitstulpingen van de ellepijp, die de kop van het spaakbeen omsluiten, zijn bij LPC (gedeeltelijk) losgeraakt. Dit zorgt voor pijn en irritatie in het gewricht. 

Op een röntgenfoto is LPC moeilijk vast te stellen. Meestal heeft uw hond een CT-scan nodig voor deze diagnose. 

Als uw hond LPC heeft, moet het losse deel operatief worden verwijderd. Meestal als de LPC is vastgesteld, heeft de hond al artrose. Dit maakt de prognose minder gunstig.  

OCD – osteochondritis dissecans 

Bij deze vorm van ED is er door een afwijking in de groei een deel van het gewrichtskraakbeen niet hetzelfde als in de rest van het gewricht. 

Hierdoor ontstaat er een slechte verbinding met het onderliggend bot, en kan er een stuk kraakbeen los komen te liggen. 

Het losse deel kraakbeen veroorzaakt vaak een gewrichtsontsteking. Het losse deel en het ontstoken deel van het bot moeten daarom operatief verwijderd worden. 

De prognose van OCD is positief. Het is wel belangrijk dat er tijdig wordt ingegrepen. Als er te laat wordt ingegrepen, heeft de hond grote kans op artrose. 

OCD is een erfelijke aandoening. 

LPA – los processus anconeus

Het deel van de ellepijp dat in het opperarmbeen scharniert, is bij LPA afgebroken. Het deel breekt af door een groeistoornis of beschadiging, bijvoorbeeld na een aanrijding. 

Het deel dat is afgebroken is, moet operatief worden verwijderd. De prognose is vaak gunstig. 

Incongruentie 

Bij incongruentie past het ellebooggewricht (tijdelijk) niet goed in elkaar. Dit komt doordat in de groei het spaakbeen en de ellepijp niet even snel groeien. 

Dat de groeisnelheid verschilt, komt meestal door erfelijke aanleg. In sommige gevallen kan het ook komen door een beschadiging van de groeischijf. 

Incongruentie wordt hersteld door operatief een deel van de ellepijp door te zagen en te verkorten of te verlengen. 

In sommige gevallen ontstaan LPC en LPA door incongruentie. 

Flexor Enthesopathie

De pezen waarmee de hond het onderste gedeelte van de poot buigt, zijn bij Flexor Enthesopathie ontstoken. Door deze ontsteking kunnen de pezen verkalken. Deze pezen zitten vlakbij het ellebooggewricht. Het ellebooggewricht loopt hierdoor ook kans om te gaan ontsteken. 

Flexor Enthesopathie kan behandeld worden door een injectie in het gewricht. 

Hoe wordt mijn hond onderzocht op elleboogdysplasie?

Heeft uw hond klachten die kunnen komen door elleboogdysplasie? Uw dierenarts voert dan altijd eerst bij uw hond een lichamelijk onderzoek uit. 

Vervolgens onderzoekt de arts alle poten, waaronder natuurlijk de pijnlijke poot. 

In veel gevallen is het nodig om röntgenfoto’s te maken. Vaak kan dit vrij snel en in de kliniek gedaan worden. 

Helaas zijn niet alle vormen van elleboogdysplasie op een röntgenfoto te zien. Om deze reden is het mogelijk dat uw hond een CT-scan nodig heeft. Uw dierenarts bespreekt dit dan met u. 

Diagnose en eventuele vervolgstappen

De dierenarts beoordeelt de röntgenfoto’s of de CT-scan die gemaakt zijn van uw hond. Aan de hand hiervan kan de dierenarts wel of geen elleboogdysplasie bij uw hond vaststellen.  

Heeft uw hond elleboogdysplasie? Dan bespreekt de dierenarts met u eventuele vervolgstappen, het behandelplan en het revalidatieplan. 

Voordelen en nadelen van het ED-onderzoek bij mijn hond

Tijdig onderzoek naar elleboogdysplasie bij uw hond is belangrijk om mogelijke artrose te voorkomen. Vaak kan er na het onderzoek gericht behandeld worden, zodat uw hond (bijna) geen pijn meer heeft. 

Een nadeel aan het onderzoek is dat uw hond voor de CT-scan en soms ook voor de röntgenfoto’s een roesje nodig heeft. Aan het roesje zijn altijd (kleine) risico’s verbonden. 

Hoe elleboogdysplasie bij mijn hond voorkomen

Door erfelijke aanleg en de bouw van een hond is het ten eerste belangrijk om bij het kiezen van een pup rekening te houden met elleboogdysplasie. 

U kunt het beste een pup uitzoeken waarbij de ouderdieren zijn gecontroleerd op elleboogdysplasie en vrij zijn bevonden. 

De beweging die u een jonge hond geeft, is van belang. Het is belangrijk om gedoseerd te bewegen. Loop bijvoorbeeld dagelijks ongeveer dezelfde afstand en niet één keer per week veel verder dan normaal. 

Ook is het beter om de jonge hond niet te laten traplopen of lang uitbundig te laten spelen. 

Kosten onderzoek naar elleboogdysplasie

De kosten van het onderzoek zijn afhankelijk van welk onderzoek uw hond nodig heeft. Ook is het afhankelijk van bijvoorbeeld het aantal foto’s die gemaakt moeten worden en of uw hond een roesje nodig heeft. 

Neem voor de kosten contact op met uw kliniek.

Twijfels of een vraag?  

Twijfelt u of uw hond last heeft van elleboogdysplasie, of heeft u een andere vraag? Neem dan contact met ons op.

Hillegom

Maerten Trompstraat 1-3 2182 XD Hillegom
Routebeschrijving 0252 518020